Al vanaf de beginjaren van het Genootschap der Vrienden heeft het Vredesgetuigenis
een belangrijke rol in het geloofsleven van de Vrienfden gespeeld.
De meest bekende uiting van dit Vredesgetuigenis is de verklaring, die in 1660
tegeover koning Karel II van Engeland werd afgelegd.
" Wij verwerpen met grote nadruk alle oorlog en strijd tegen anderen
en elk gevecht, anders dan met de wapenen van de geest, voor welk doel en onder
welk voorwendsel het ook moge zijn.
Dit is ons getuigenis voor heel de wereld.
De Geest van Christus, waardoor we ons laten leiden is onveranderlijk en kan
ons dus niet het ene ogenblik van iets afhouden, omdat het verkeerd is en ons
er dan weer toe aanzetten.
Het is onze diepste overtuiging, die we voor de hele wereld uitspreken, dat
de Geest van Christus, die ons leidt in alle waarheid, ons nooit zal aansporen
om met uiterlijke wapens te strijden en oorlog te voeren tegen wie dan ook en
zulks niet voor het Koninkrijk van God, noch voor de Rijken van deze wereld."
Sindsdien zijn er vele soortgelijke getuigenissen opgesteld, maar de bovenstaande
wordt door alle Quakers over de wereld gezien als een soort fundament waarop
hun principiële geweldloosheid gebaseerd is.
Ga
naar index Quaker Encyclopedie
Ga
naar startpagina "De Vriendenkring"